Een terugkeer naar God

Een terugkeer naar God

Ik ben een enig kind. Van nature ben ik heel objectief, onafhankelijk en weinig emotioneel. Hoewel ik door een opmerkelijke Christelijke moeder werd opgevoed, liep ik in mijn tienerjaren weg van het Christendom. Toen ik naar de universiteit ging, had ik helemaal geen relatie meer met God.

Ik concentreerde me vervolgens twintig jaar lang op persoonlijke prestaties en werelds succes. Ik studeerde af in de economie aan Georgetown, studeerde handel aan Oxford, behaalde een diploma in de rechten aan Berkeley, werkte voor advocatenkantoren in de typische glazen kantoortorens, begon mijn eigen advocatenkantoor voor technologiebedrijven en was betrokken bij het management van een snel groeiend telecombedrijf. Voor mij ging het leven alleen maar over mezelf en mijn succes. Ik had geen tijd voor geestelijke of emotionele zaken. Ik ging op een stabiel en egoïstisch vlak te werk... en ik vond dat wel prima zo.

Toen in 1995 werd vastgesteld dat mijn moeder kanker had, verviel ik automatisch tot mijn natuurlijke toestand. Ik was energiek en positief en gaf intellectueel advies. Ik concentreerde me op de onvermijdelijke zege van het herstel in plaats van de dagelijkse sleur van het herstelproces. Zoals mijn moeder waarschijnlijk had verwacht, trok ik me terug van de emotionele aspecten en richtte ik me volledig op mijn rol als het wilskrachtige enige kind met de nooit aflatende positieve houding.

Op vijf oktober 1999 veranderde alles. Mijn moeder had zojuist weer een hele chemokuur weten te doorstaan en er werd een afspraak gemaakt om de resultaten met haar te bespreken. Ze belde me op en vroeg of ik haar wilde vergezellen naar deze afspraak met haar oncoloog (mijn moeder had geleerd om altijd een extra stel oren mee te nemen wanneer onderzoeksresultaten en behandelmogelijkheden werden besproken). Omdat haar man, Bob, die dag niet mee kon gaan, nam ik een halve dag verlof zodat ik mijn moeder kon helpen om "informatie te vergaren".

Maar toen ik daar zat en hoorde wat de arts te zeggen had, leek het wel alsof mijn maag dwars door de vloer heen zakte. In een oogwenk werd mijn onwerkelijke positivisme aan duigen geslagen. De arts zei dat alles erop wees dat de kanker zich had verspreid en dat het aantal behandelmogelijkheden sterk was geslonken. Terwijl de oncoloog en mijn moeder spraken over de voors en tegens van verdere behandelingen in relatie tot de kwaliteit van haar leven, probeerde ik wanhopig om mijn emoties vaste grond onder de voeten te geven.

En toen drong het eindelijk tot me door. . .


De realiteit van de ziekte, de realiteit van de prognose, de realiteit van het beperkte aantal behandelmethoden, de realiteit dat mijn dierbare moeder deze echte pijn moest verduren, de realiteit van het leven en de realiteit van de dood. Ik voelde me plotseling erg ongemakkelijk en eenzaam. Ik was ontzet door de waarheid over mijn moeders ziekte en ik werd heel emotioneel vanwege haar onzekere toekomst. Op dat moment realiseerde ik me dat ik méér moest doen dan mijn gevoelens verbergen achter een vermeend intellectualisme en positivisme.

Nadat de arts de spreekkamer had verlaten, keek mijn moeder mij in de ogen en ze tuurde helemaal tot in mijn hart. Ze hield mijn hand vast. Zij bad. Ik huilde. Voor het eerst in twintig jaar bad ik zelf (afgezien van de gebruikelijke snelle gebedjes voor de maaltijden op de feestdagen). En voor het eerst in twintig jaar huilde ik.

Lees nu deel 2 van "Een terugkeer naar God"!


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen